Uitgeverij Mens!

Congres

Congres: Behandeling van traumagerelateerde dissociatie

Kathy Steele, Suzette Boon en Onno van der Hart
14 maart 2019

Een van de grootste uitdagingen bij het werken met een complexe dissociatieve stoornis is om een behandeling aan te bieden die stapsgewijs en (relatief) constant is. Chaos, crisis, vermijdingsstrategieën, weerstand, intense overdracht en tegenoverdracht, conflicten tussen dissociatieve delen, comorbide diagnoses en een onveilig-gedesorganiseerde gehechtheidsstijl zijn slechts enkele van de zaken die het lastig maken om de therapie op koers en de therapeutische relatie in evenwicht te houden.

Tijdens het congres zal Kathy Steele (lezing in het Engels) uitwerken hoe een casusformulering kan worden opgesteld die de therapeut een meta-overzicht biedt van de interne organisatie van de cliënt, wat een systematisch behandelplan mogelijk maakt. Daarbij zal worden verkend hoe verschillende factoren die de prognose beïnvloeden kunnen worden beoordeeld en hoe er op samenwerking gerichte therapeutische doelen kunnen worden vastgesteld bij cliënten met een dissociatieve stoornis.

Suzette Boon (lezing in het Nederlands) zal in haar presentatie de nadruk leggen op de lastigste aspecten van de eerste fase van de behandeling, namelijk het tot stand brengen van een goede samenwerking met de cliënt en al zijn of haar dissociatieve delen. Ernstige vroege gehechtheidsproblemen worden geactiveerd en kunnen het tot stand brengen van een therapeutische relatie die ‘goed genoeg’ is bemoeilijken. Met name het creëren van een goede werkrelatie met de vijandige dissociatieve delen en de daderimiterende delen kan een uitdaging zijn.

In zijn presentatie beklemtoont Onno van der Hart (lezing in het Nederlands) de noodzaak om te voorkomen dat de integratie van traumatische herinneringen te veel oproept en de cliënt in crisis raakt of zelfs decompenseert. Hiertoe dienen de therapeut en de cliënt zorgvuldig aandacht te besteden aan onder meer de vragen of 1) de integratieve capaciteit van de cliënt toereikend is; 2) er overeenstemming tussen de dissociatieve delen bestaat over het aangaan van de confrontatie met een bepaalde traumatische herinnering; 3) duidelijk is welke delen hierbij aanwezig (zullen) zijn en welke op hun eigen veilige plek zullen vertoeven; 4) de integratieve procedure zelf duidelijk is en als zodanig werkt; en 5) de betreffende traumatische herinnering in voldoende kleine stappen is opgedeeld.

Leerdoelen
Deelnemers zullen zich de volgende leerdoelen eigen maken:

1 Verschillende prognostische factoren kunnen beschrijven die van belang zijn bij het plannen van de behandeling van een cliënt met een dissociatieve stoornis.
2 Weten wanneer zij gedurende de behandeling werken met de gehele cliënt of met een of meerdere dissociatieve delen.
3 Ten minste vijf stabilisatietechnieken beschrijven die specifiek zijn voor de behandeling van dissociatieve stoornissen.
4 Verschillende manieren beschrijven om met de dissociatieve delen in contact te komen.
5 Manieren beschrijven om vijandige dissociatieve delen en daderimiterende delen bij de behandeling te betrekken.
6 Een aantal overdracht- en tegenoverdrachtfenomenen herkennen.
7 Inzicht hebben in de manieren waarop in kleine stapjes traumatische herinneringen geïntegreerd kunnen worden.
8 Onderscheid kunnen maken tussen verschillende niveaus van integratie van traumatische herinneringen.

 

Kathy Steele, Suzette Boon en Onno van der Hart zijn de auteurs van het boek Behandeling van traumagerelateerde dissociatie.